067.
BIJBELSTUDIE OVER
aybnh hnvy tvah
De christelijke traditie van het
laatste avondmaal op de Witte Donderdag en de kruisiging op de Goede Vrijdag is
eigenlijk reeds lang achterhaald. Wie tot 3 kan tellen komt nogal gauw tot de
conclusie dat Yeshua nooit op vrijdag gestorven kan zijn als Zijn opstandig ten
derden dage op zondag heeft plaats gevonden. Dat zou dan logischerwijs op
maandag geweest moeten zijn, ware het niet dat er in de Bijbel diverse keren
nadrukkelijk vermeld staat dat het graf reeds vroeg in de ochtend op de eerste
dag der week leeg was, en dat is volgens de bijbelse telling niet de maandag,
maar de zondag. Toch is er tegenwoordig een groeiend aantal gelovigen en zelfs
officiële kerkgenootschappen die op allerlei websites beargumenteren dat de
opstanding van Yeshua niet op zondagochtend of in de nacht van zaterdag op
zondag zou hebben plaatsgevonden, maar reeds op zaterdagnamiddag. Op het eerste
gezicht lijken deze mensen inderdaad gelijk te hebben, want de argumenten die
zij aanhalen om dat te bewijzen lijken ijzersterk. Ik zal daar straks
uitgebreid op ingaan. Toch ben ik nog steeds van mening dat de opstanding wel
degelijk op zondagochtend moet hebben plaatsgevonden en niet op
zaterdagnamiddag, en wel om diverse redenen: 1. De eerste dag der week tijdens
het feest van de ongezuurde broden is Yom haBikurim, de Dag der
Eerstelingen, en Yeshua is op deze dag opgestaan als de Eersteling uit de doden.
2. De eerste dag der week is een nieuw begin, en met de opstanding van Yeshua is een nieuw begin gemaakt voor ons, want de straf voor
onze zonden is betaald. 3. Yeshua rustte op de Shabat volgens het gebod. Een opstanding tijdens de Shabat zou deze rust verstoren. Daarom vond de opstanding plaats
op de volgende dag. 4. Uit de opdracht die de oudsten aan de soldaten gaven om
te zeggen dat de discipelen 's nachts gekomen zouden zijn om Zijn lijk te
stelen blijkt duidelijk dat de opstanding beslist niet plaatsgevonden kan
hebben op zaterdagnamiddag, maar op zijn vroegst tijdens de nacht of in de
vroege ochtend, en in beide gevallen is dan sowieso sprake van de eerste dag
der week. Al met al ben ik dus nog steeds onverminderd van mening dat de
opstanding van Yeshua vroeg op zondagochtend heeft plaatsgevonden en alle
bekende argumenten die het tegendeel lijken te bewijzen, zal ik hieronder één
voor één behandelen. Een veelgehoord argument is bijvoorbeeld het 'teken van Yona', dat in vhyttm
Matityahu [Mattheüs] 12:38-40 door Yeshua zelf genoemd wordt als antwoord op een vraag die aan Hem
door een aantal Farizeeën en schriftgeleerden gesteld werd: “Meester, wij zouden wel een teken van U
willen zien. Maar Hij antwoordde hun en zeide: Een boos en overspelig geslacht
verlangt een teken, maar het zal geen teken ontvangen dan het teken van Yona, de profeet. Want gelijk Yona drie dagen en drie nachten in
de buik van het zeemonster was, zo zal de Zoon des mensen in het hart der aarde
zijn, drie dagen en drie nachten!”
Ten derden dage
Met het aanhalen van deze tekst
wordt door de voorstanders van de 72-uur-visie gesuggereerd, dat Yeshua gezegd zou hebben dat Hij drie volle dagen en drie volle
nachten in het graf zou liggen en niet minder. Hij had het inderdaad wel over
drie dagen en drie nachten, maar Hij voegde er niet het woordje
"volle" aan toe. Er staat dus nergens geschreven (ook niet in Mt
12:40), dat het drie volle, afgeronde, hele, voltooide dagen en nachten zijn.
Ook in het gewone Nederlandse taalgebruik van alledag is dat niet het geval.
Als je een afspraak met iemand maakt en je zegt: "ik kom over drie dagen
bij jou op bezoek" of je zegt: "ik zie je over drie dagen", dan
bedoel je daarmee niet dat je die persoon op de vierde dag bezoekt (dus nadat
de drie dagen voltooid, afgelopen en voorbij zijn), maar je bedoelt uiteraard
dat je die persoon op de derde dag bezoekt ofwel in Oudnederlands gezegd ten
derden dage. En precies zo bedoelde Yeshua het ook toen Hij het
over die drie dagen en drie nachten had. Hij had juist diverse keren gezegd dat
Hij “ten derden dage zou opstaan” en
niet na drie dagen. "Ten derden dage" ofwel "gedurende de derde
dag" of "tijdens de derde dag" die dus nog niet afgelopen was op
het moment dat Yeshua opstond. In alle moderne bijbeluitgaven (NBV, Willibrord,
Groot Nieuws etc) heeft men gekozen voor de duidelijke vertaling: "Op de derde dag". In de
Griekse grondtekst staat namelijk: tritoV hmera tritos hēmera, hetgeen letterlijk “de derde dag” betekent en niet “na
drie dagen”, want het is vergelijkbaar met tritoV wra tritos hōra
in Mt 20:3, waarin de evangelist het heeft over een gebeurtenis omstreeks “het
derde uur” en niet “na drie uren”. Dus nogmaals: tussen Yeshua’s dood en Zijn opstanding lagen wel drie voltooide
nachten, maar niet drie voltooide dagen omdat Hij ten derden dage, dus op de
derde dag is verrezen en niet na drie dagen. Ik heb deze teksten even op een
rij gezet: “Van toen aan begon Yeshua Zijn talmidim te tonen, dat Hij naar
Jeruzalem moest gaan en veel lijden van de zijde der oudsten en overpriesters
en schriftgeleerden en gedood worden en ten
derden dage opgewekt worden.” (vhyttm
Matityahu [Mattheüs] 16:21). “En zij zullen Hem ter dood brengen en ten derden dage zal Hij opgewekt
worden. En zij werden zeer bedroefd.” (vhyttm Matityahu [Mattheüs] 17:23). “En
zij zullen Hem overleveren aan de goyim [heidenen] om Hem te bespotten en te geselen en te
kruisigen, en ten derden dage zal
Hij opgewekt worden.” (vhyttm
Matityahu [Mattheüs] 20:19). “En Hij zeide: Ben haAdam [de Zoon des mensen]
moet veel lijden en verworpen worden door de oudsten en overpriesters en
schriftgeleerden en gedood worden en ten
derden dage worden opgewekt.” (Lucas
9:22). “En zij zullen Hem geselen en
doden, en ten derden dage zal Hij opstaan.” (Lucas 18:33). “Zeggend, dat Ben haAdam [de Zoon des mensen]
moest overgeleverd worden in de handen van zondige mensen en gekruisigd worden
en ten derden dage opstaan.” (Lucas 24:7). “En
Hij zeide tot hen: Aldus staat er geschreven, dat de Mashiach moest lijden en ten derden dage opstaan uit de doden” (Lucas 24:46). “Hem
heeft G’d ten derden dage opgewekt en heeft gegeven, dat Hij verscheen” (tvlipm
Mif’alot [Handelingen] 10:40). “En Hij is begraven en ten derden dage opgewekt, naar de Schriften” (1 Korinthiërs
15:4). Nogmaals: in al deze teksten staat dat Hij ten derden dage ofwel op de
derde dag zal opstaan en niet na drie dagen, dus niet op de vierde dag.
Hebreeuws idioom
Het teken van Yona is een typisch Hebreeuws idioom, dat wil zeggen een taaleigen Joodse
manier van iets vertellen. Yeshua had het in vhyttm
Matityahu [Mattheüs] 12:38-40 wel over drie
dagen en drie nachten, toch daarmee bedoelde Hij geen periode van 72 uur, maar
het feit dat Zijn aan het kruis gestorven lichaam binnen drie dagen weer zou
herrijzen uit het graf, zoals Hij ook letterlijk had gezegd, toen er door de Yehudim opnieuw om een teken werd gevraagd: “Welk teken toont Gij ons, dat Gij dit moogt doen? Yeshua antwoordde en zeide tot
hen: Breekt deze tempel af en binnen
drie dagen zal Ik hem doen herrijzen. De Judeeërs dan zeiden: Zesenveertig
jaren is over deze tempel gebouwd en Gij zult hem binnen drie dagen doen herrijzen? Maar Hij sprak van de tempel
Zijns lichaams. Toen Hij dan opgewekt was uit de doden, herinnerden Zijn
discipelen zich, dat Hij dit gezegd had, en zij geloofden de Schrift en het
woord, dat Yeshua gesproken had.” (]nxvy Yochanan [Johannes] 2:18-22). Ook in Mt 27:63, Mc 8:31 en 9:31,
waarin wij lezen dat Hij na drie dagen zou opstaan, wordt geen afgesloten
periode van 72 uur bedoeld, want zoals gezegd: het is een Hebreeuws idioom, dat
wij ook elders in de TeNaCH tegenkomen. Neem bijvoorbeeld a lavm>
Sh’mu’el alef [1 Samuël] 30:11-13. Daar lezen
wij het volgende: “Toen vonden zij op het
veld een Egyptenaar en brachten hem bij David. Zij gaven hem brood en hij at, zij lieten hem water
drinken, en gaven hem een schijf geperste vijgen en twee rozijnenkoeken, en
toen hij dat gegeten had, keerde zijn geest in hem terug, want hij had
gedurende drie dagen en drie nachten
niets gegeten of gedronken. Daarop vroeg David hem: Van wie zijt gij en waar komt gij vandaan? Hij
antwoordde: Ik ben een Egyptische jongeman, een slaaf van een Amalekiet. Mijn
heer heeft mij achtergelaten, omdat ik drie
dagen geleden ziek werd.” Let op: de
Egyptenaar zei dat hij drie dagen en drie nachten niets gegeten had, maar in
vers 13 voegde hij eraan toe, dat zijn heer hem heeft achtergelaten omdat hij
drie dagen geleden ziek werd. Als hij het eerst over een letterlijke periode
van 72 uur had gehad, dan had hij moeten zeggen dat hij vier dagen geleden ziek
werd. Een ander voorbeeld van een soortgelijk Hebreeuws idioom vinden wij in
het boek rtca Ester. In hoofdstuk 4:16
roept koningin Ester het Joodse volk op om voor haar te vasten: “Ga heen, vergader al de Joden die zich in Shushan bevinden, en vast om
mijnentwil: eet noch drinkt drie dagen,
zo min des nachts als des daags.” Ook hier zou je op het eerste gezicht denken dat Ester het heeft over drie volle dagen en nachten, dus 72 uur,
maar in hoofdstuk 5:1 staat precies wat ik hiermee wil aantonen: “Op
de derde dag nu hulde Ester zich in een koninklijk gewaad en ging staan in de
binnenste voorhof van het paleis des konings…” - Op de derde dag, ofwel ten derden dage, en niet na drie
dagen. In beide gevallen wordt er gesproken over drie dagen en drie nachten,
maar dat wil nog niet zeggen dat daar precies 72 uur mee bedoeld zouden zijn.
Zo zijn er nog veel meer voorbeelden van deze Hebreeuwse idiomen te vinden in TeNaCH, maar ook in de Talmud. Het ligt namelijk
geheel binnen het kader van het Joodse denken, dat Yeshua enerzijds zegt, dat Hij na drie dagen zou opstaan en
anderzijds zegt, dat Hij ten derden dage zou opstaan en weer in een andere
tekst zegt, dat Hij binnen drie dagen zou herrijzen. Omdat wij hier te maken
hebben met een Hebreeuws idioom, komen deze drie op het eerste gezicht
tegenstrijdige tijdsaanduidingen volledig met elkaar overeen, omdat er geen
periode van 72 uur mee bedoelt wordt, maar een gebeurtenis beschrijft, die
binnen een periode van drie dagen plaats zou vinden. Een ander bewijs hiervoor
vinden wij in Lucas 24:13-35, waarin wij lezen, dat twee van Zijn talmidim op die bewuste zondag op weg waren naar Emmaüs. Toen Yeshua Zich bij hen aansloot en zo deed alsof Hij van niets wist,
vertelden zij Hem het hele verhaal van Zijn lijden en sterven aan het kruis, en
zij eindigden in vers 21 met de woorden: “Maar
met dit al is het thans reeds de derde
dag, sinds dit geschied is.” Als de kruisiging dus op woensdagmiddag
zou hebben plaats gevonden zoals sommigen zeggen, dan had de Emmaüsganger
moeten zeggen dat het reeds de vierde dag is sinds dit geschied is. Maar dat
zei hij niet! Als de kruisiging daarentegen op donderdagnamiddag heeft plaats
gevonden, waar ik dus vanuit ga, dan is de vrijdag de eerste dag, de zaterdag
de tweede dag en de zondag de derde dag, sinds dit geschied is. En dat klopt
dus volgens dit ooggetuigenverslag. De rabbijnse manier van Schriftuitleg is
vanouds tekst met tekst te vergelijken. Het is daarom beslist niet juist, om
naast het door Yeshua gebruikte teken van Yona al die andere teksten,
waarin diezelfde Yeshua juist heel ondubbelzinnig zegt dat Hij ten derden dage,
dus op de derde dag, zou opstaan, geheel buiten beschouwing te laten. Het teken
van Yona was ook op de eerste plaats bedoeld voor Joodse mensen,
vandaar dat Hij een typisch Hebreeuws idioom gebruikte.
Velen gaan er tegenwoordig van uit, dat Yeshua op woensdag gekruisigd en nog op diezelfde
woensdag voor zonsondergang begraven zou zijn en vervolgens op zaterdag nog
tijdens de Shabat opgestaan zou zijn, laat in de namiddag, op hetzelfde
tijdstip waarop Hij werd begraven. Deze stelling roept bij mij toch wel enkele
kritische vragen op: 1. Als Yeshua
daadwerkelijk op zaterdagnamiddag opgestaan zou zijn, dan zou de engel de zware
steen logischerwijs toch reeds zaterdagavond direct na afloop van de Shabat weggerold hebben, maar om welke reden zou hij
daarmee gewacht hebben tot de volgende ochtend? 2.
Als Yeshua daadwerkelijk op zaterdagnamiddag opgestaan zou zijn, dan zouden de
soldaten dat toch bij het wisselen van de wacht gezien en direct gemeld hebben?
Waarom hebben ze daar pas op zondagochtend melding van gemaakt en niet eerder?
3. Als Yeshua daadwerkelijk op zaterdagnamiddag opgestaan zou zijn, maar de opstanding
pas op zondagochtend opgemerkt werd, waar heeft Hij dan de nacht doorgebracht?
Waar is Hij dan geweest in al die uren tussen zaterdagnamiddag en
zondagochtend? Wat heeft Hij dan gedaan in die tijd? 4. Als Yeshua daadwerkelijk op
zaterdagnamiddag opgestaan zou zijn en niet op zondagochtend, welk doel zou dit
dan gehad hebben? Wat zou daar de diepere betekenis van geweest zijn? Wat zou
het nut ervan geweest zijn? Een opstanding op Yom
haBikurim heeft daarentegen wel degelijk een
diepe betekenis en past precies in G'ds heilsplan, want vanaf deze dag gerekend
zijn het precies 7 weken ofwel 49 dagen tot Shavuot, de Pinksterdag die op de 50e dag na Yom haBikurim gevierd wordt
en volgens rbdmb Bamid'bar [Numeri] 28:26 eveneens Yom
haBikurim genoemd wordt, de Dag der
Eerstelingen. Yeshua, die bij het aanbreken van Yom
haBikurim is opgestaan, is de Eersteling van
de gersteoogst, en de drieduizend zielen die na de uitstorting van Ruach haQodesh [de Heilige
Geest] op de Pinksterdag aan de gemeente werden toegevoegd, waren de
eerstelingen van de tarweoogst!
Sommigen proberen het sterkste
argument voor de opstanding op zondagochtend, namelijk Marcus 16:9, dat begint
met de woorden: “Toen Hij vroeg op de eerste dag van de week uit de dood was
opgestaan…”, onderuit te halen en als latere toevoeging te bestempelen. Het
is inderdaad een feit dat de laatste twaalf verzen van Marcus 16 in sommige
oude manuscripten ontbreken en tot op heden is er een dispuut onder theologen
of deze passage, die de opstanding van Yeshua en Zijn verschijningen daarna beschrijft, wel of geen deel
van het oorspronkelijke Evangelie uitmaakt, maar zoals gezegd zijn de meningen
daarover onder de bijbelwetenschappers verdeeld. Dat het niet staat in o.a. de Codex Sinaïticus en Codex Vaticanus wil
namelijk nog niet zeggen dat het een toevoeging is. Het feit dat Marcus 16 bij
vers 8 abrupt eindigt met: "Ze gingen naar buiten en vluchtten bij het
graf vandaan, want ze waren bevangen door angst en schrik. Ze waren zo erg
geschrokken dat ze tegen niemand iets zeiden" geeft mij eerder het
gevoel dat in sommige manuscripten de rest om de een of andere reden weggevallen
is, want ik kan mij niet voorstellen dat een Evangelie op deze wijze eindigt.
Andere oude handschriften bevatten de verzen 9 tot 20 namelijk wel. Dus de
vraag kan je stellen: waarom ontbreken zij in sommige manuscripten terwijl ze
er in andere manuscripten wel staan? En bovendien zijn deze slotverzen niet in
strijd met wat de Bijbel zegt. Dus vooralsnog nog hou ik het bij het gehele
hoofdstuk 16 van het Marcus-evangelie t/m vers 20. Nogmaals: Het lijkt mij
onwaarschijnlijk dat Marcus het Evangelie zou willen eindigen bij een melding
van vrees bij de vrouwen, want het hele voornemen en de betekenis van het
Evangelie is dat de mens juist niet behoord te vrezen (zie "The Gospel Of
Mark" van Curtis Beach, New York: Harper. 1959, p.118). En het is zelfs
nog minder waarschijnlijk dat Marcus zijn Evangelie besloot zonder enige
verwijzing naar de verschijning van de opgestane Mashiach aan Zijn talmidim, want daar gaat
het nou juist om. Daarom, zoals W.L. Knox er ons aan herinnert, zou het ons
ontredderd achterlaten zonder enige vermelding van het voornaamste punt van
zijn Evangelie, en dus het echte ‘happy end’ waarop juist het hele geloof van
de gemeente gevestigd is zou ontbreken (“The Ending of St. Mark’s Gospel,” by
W. L. Knox, HTR, vol. 35 (1942), p.22). Velen van hen die eraan vasthouden dat
het Evangelie van Marcus eindigt in 16:8 proberen derhalve een reden te vinden
door te veronderstellen dat Marcus ongewild werd verhinderd om zijn Evangelie
te beëindigen, bijvoorbeeld door te sterven. Deze veronderstelling dat Marcus
voortijdig stierf spreekt echter de verklaringen van Papias, Irenaeus, Clemens van Alexandrië, en
Origenes
tegen, die schreven dat Marcus nog leefde toen hij zijn Evangelie publiceerde.
Ik kan dus geen enkele reden bedenken waarom Marcus in vers 8 zijn Evangelie op
zo een vreemde en onbevredigende manier zou eindigen en het lijkt mij dus
logischer en aannemelijker dat de daaropvolgende verzen 9 t/m 20 wel degelijk
in de originele tekst hebben gestaan, maar in sommige manuscripten zijn weggevallen.
en andere belangrijke tekst die men probeert te ontkrachten is Lucas 24:21, die
ik reeds eerder heb aangehaald: “...Maar met dit al is het thans reeds de
derde dag, sinds dit geschied is.” - Men relativeert deze uitspraak door
het woordje "dit" of "deze dingen" niet alleen op de
gevangenneming, kruisigen en begraven van Yeshua toe te passen, maar ook op de gebeurtenissen op de dag
daarna, namelijk het verzegelen van het graf en het plaatsen van soldaten ter
bewaking ervan. Toch hier hadden de Emmaüsgangers het helemaal niet over! Men
probeert hen woorden in hun mond te leggen die ze helemaal niet gezegd hadden.
In de verzen 20 t/m 21 lezen wij: “Onze hogepriesters en leiders hebben hem
ter dood laten veroordelen en laten kruisigen. Wij leefden in de hoop dat hij
degene was die Israël zou bevrijden, maar inmiddels is het de derde dag sinds
dit alles gebeurd is.” Zij hadden het slechts over de veroordeling en
kruisiging en vervolgens zeiden ze dat het inmiddels de derde dag is sinds dit
alles gebeurd is, en als bewijs dat dit inderdaad diezelfde zondag is lezen we
in vers 22: “Toen ze vanmorgen vroeg naar het graf gingen, vonden ze Zijn
lichaam daar niet en ze kwamen zeggen dat er engelen aan hen waren verschenen.
De engelen zeiden dat Hij leeft.” Ze zeiden "vanmorgen" waaruit
je mag afleiden dat het gesprek tussen Yeshua en de Emmaüsgangers op dezelfde eerste dag van de week
plaats vond, waarvan zij zeiden dat dit nu reeds de derde dag was. Als de
kruisiging daadwerkelijk op woensdag en niet op donderdag had plaatsgevonden en
Yeshua dus
niet op zondagochtend, maar op zaterdagnamiddag was opgestaan, dan hadden ze
moeten zeggen dat dit nu reeds de vierde dag was, want van woensdag tot zondag
zijn het vier dagen, maar ze zeiden duidelijk dat het de derde dag was. Sommigen
merken overigens terecht op, dat het woordje Shabat
in Marcus 16:1 in de meeste vertalingen foutief in enkelvoud wordt toegepast in
de passage “laat na de sabbat” ofwel “na afloop van de sabbat”,
terwijl dit woord in de oorspronkelijke Griekse tekst in het meervoud staat,
namelijk sabbaton sabbaton. Dat klopt! Het geeft inderdaad een
periode aan van twee opeenvolgende Shabatot
[sabbatten]. En daarmee komen we meteen bij hun laatste en ogenschijnlijk
sterkste argument, want door het citeren van Marcus 16:1 en de vergelijking met
Lucas 23:56 lijken zij een ijzersterk bewijs in handen te hebben dat er tussen
de jaarlijkse Shabat, de 15e Nisan, en de gewone wekelijkse Shabat die vrijdagavond begon, nog een werkdag moest
liggen. In Marcus 16:1 lezen wij namelijk dat de vrouwen de specerijen gingen
kopen toen de Shabat voorbij was, maar in Lucas
23:54-56 staat dat de vrouwen de begrafenis bijwoonden tot de Shabat begon en pas nadat ze teruggekeerd waren
maakten zij de specerijen gereed en vervolgens rustten zij op de Shabat naar het gebod. Laten we deze twee teksten
even achter elkaar lezen: “En toen de Shabat
voorbij was, kochten Mir’yam haMag’dalit [Maria
van Magdala] en Mir’yam [Maria], de moeder van Ya’aqov [Jakobus], en Sh’lomit [Salome] specerijen om Hem te gaan zalven.” Dat was Marcus
16:1, en nu gaan we naar de tweede tekst: “En het was de dag der
voorbereiding en de Shabat brak aan. En de
vrouwen, die met Hem uit Galilea gekomen waren, volgden en zij bezagen het graf
en hoe Zijn lichaam gelegd werd; en toen zij teruggekeerd waren, maakten zij
specerijen en mirre gereed. En op de Shabat
rustten zij naar het gebod, maar op de eerste dag der week gingen zij reeds
vroeg in de morgenstond met de specerijen, die zij gereedgemaakt hadden, naar
het graf.” (Lucas 23:54-56 en 24:1). Als je dit oppervlakkig leest krijg je
inderdaad de indruk dat de vrouwen na afloop van de eerste Shabat de specerijen hadden gekocht en gereedgemaakt,
daarna op de tweede Shabat hebben gerust en
tenslotte na de tweede Shabat met de specerijen
naar het graf gingen. Als je dat zo leest moet er inderdaad een werkdag tussen
de beide Shabatot geweest zijn, maar dan klopt
de telling niet meer, want dan zou de zondag namelijk de vierde dag zijn, maar
de Bijbel noemt deze zondag duidelijk de derde dag. Derhalve moet er sprake
zijn van twee opeenvolgende Shabatot: de 15e Nisan van donderdagavond tot vrijdagavond, en de
gewone Shabat van vrijdagavond tot
zaterdagavond. Maar hoe zit dat dan met de specerijen? Hoe moeten wij de beide
geciteerde teksten dan lezen? Zijn de beide Evangelieën dan niet in tegenspraak
met elkaar? Ik vind van niet! Wie zegt immers dat de vrouwen die in Lucas 24:1
op de Shabat rustten naar het gebod nadat ze de
specerijen hadden gereedgemaakt, dezelfde vrouwen zijn die de specerijen na de Shabat hadden gekocht? Niemand, want dat staat er
helemaal niet! Uit diverse details in de verslagen van de opstanding kunnen wij
namelijk opmaken dat er sprake was van twee groepen vrouwen die vanuit
verschillende richtingen op zondagochtend naar het graf gingen met de bedoeling
om elkaar daar te ontmoeten. Let maar goed op deze details en let vooral op de
namen: In Marcus 16:1 kochten Mir’yam haMag’dalit
[Maria van Magdala] en Mir’yam [Maria], de
moeder van Ya’aqov [Jakobus], en Sh’lomit [Salome] de specerijen toen de Shabat voorbij was, en zeer vroeg op
de eerste dag der week, vlak na zonsopgang, gingen deze drie vrouwen naar het
graf. Dat is dus groep één. In Lucas 23:56 maakte groep twee de specerijen
gereed, die ze reeds vóór de Shabat gekocht
hadden, gingen daarna op de tweede Shabat
rusten en op de eerste dag der week liepen zij reeds vroeg in de morgenstond
ofwel bij het ochtendgloren naar het graf. Van deze tweede groep wordt slechts Yochana [Johanna] genoemd (Lc 24:10),
maar van de vrouwen die bij haar waren worden de namen niet vermeld. Lucas
heeft het slechts over de vrouwen die met Yeshua
uit Galilea gekomen waren (Lc 23:55). De twee groepen kwamen uit verschillende
richtingen. Yochana en
haar groep vertrok waarschijnlijk vanuit de koninklijke residentie van Herodes, want volgens Lucas 8:3 was Yochana namelijk de vrouw van Chuza, de rentmeester van Herodes,
en uit dat vers kan men concluderen dat ook Shoshana
[Susanna] deel uitmaakte van haar groep. Mir’yam
haMag’dalit en haar groep vertrokken daarentegen waarschijnlijk vanuit
het huis van Marcus, waar Yeshua met de Zijnen de laatste Seideravond vierde en dat in een ander deel van de
stad was. Dat het om twee groepen vrouwen ging blijkt ook uit het feit dat de
groep van Mir’yam slechts één engel bij het
graf aantrof, terwijl de groep van Yochana er twéé zag. In Lucas 24:10 worden beide groepen tenslotte
samen genoemd: “De vrouwen die het graf bezochten, waren Miryam haMagdalit [Maria uit Magdala], Yochana
[Johanna], Miryam [Maria], de moeder van
Ya’aqov [Jacobus], en nog enkele andere
vrouwen die hen vergezelden.” - Na heel
zorgvuldig tekst met tekst vanuit verschillende vertalingen en uiteraard ook
vanuit de grondtekst te hebben vergeleken ben ik er nog steeds van overtuigt
dat Yeshua
Zijn laatste Seidermaal gevierd heeft op woensdagavond, gearresteerd werd in de
nacht van woensdag op donderdag, veroordeeld en gemarteld werd op
donderdagochtend, gekruisigd is op donderdagmiddag, gestorven is op
donderdagnamiddag en begraven is op donderdag in de vooravond. Hij lag drie
hele nachten in het graf en is opgestaan ten derden dage op de eerste dag der
week, op Yom haBikurim, de Dag van de Eerstelingen. Dit is het teken van Yona, want “Hij is begraven en ten derden dage opgewekt, naar de Schriften” (1 Korinthiërs
15:4).
Werner Stauder